Sleaford Mods – Spare Ribs

„Ik wil samen met Andrew zoveel mogelijk uit Sleaford Mods halen. En het maken van English Tapas heeft ons doen realiseren dat we er nog lang niet klaar mee zijn en er nog veel te ontdekken valt. Er zit nog veel meer in.” We schrijven 2017. In een Amsterdamse kroeg spreekt MuziScene Jason Williamson, de ratelende stem van Sleaford Mods. We spreken hem bij het verschijnen van hun negende (!) album. De vraag die op tafel ligt is hoe lang je dit in feite beperkte concept – een muzikant die de begeleiding op band vastlegt en een zanger/rapper die er teksten overheen drapeert – kunt volhouden. Zijn de mogelijkheden op een gegeven moment niet uitgeput?

Williamson ontkende stellig. Nee, er is nog veel meer uit te halen. We schrijven 2021. Het duo uit Nottingham brengt hun elfde album Spare Ribs uit en heeft aanvullend ook nog de lijvige verzamelaar All That Glue op de markt gebracht. We raken kennelijk niet uitgekeken op de man met pet die enkel een startknop indrukt en zijn talige maat die ogenschijnlijk lijdend aan spastische ticks een microfoon volspuugt. En die twee hebben kennelijk nog steeds wat te vertellen en zin in hun trucje.

Is er dan niks nieuws onder de zon op Spare Ribs? Noop, is zeker niet het geval. Stapje voor stapje sijpelt meer melodie door in de nummers van het duo. Williamson moet zijn teksten vaker ‘zingen’. De begeleiding door Andrew Fearn wordt door de jaren heen steeds geraffineerd, steeds beter, zonder de oorspronkelijke ruwheid te verliezen. En op deze opnieuw bijzonder smakelijke plaat wordt veelvuldig samengewerkt. Dat leidt tot een paar hoogtepuntjes.

Neem nu de single Mork ‘n’ Mindy. Daarin is een gastrol weggelegd voor een jonge getalenteerde Britse Billy Nomates. Een concert van de Mods inspireerde haar om weer muziek te gaan maken en leverde vorig jaar een eerste veel geprezen album af. Ze spreekt in Mork ‘n’ Mindy een paar venijnige strofen en mag met Too high, too low, it doesn’t make a difference I know, too high, too low, but the system won’t go een oorwurm van een refrein neerzetten dat het hele nummer, zo niet de hele plaat, naar een hoger niveau tilt.

Een glansrol is verder weggelegd voor de Britse anarchist Dr Lisa McKenzie en zelfs Amy Taylor van Australisch Amyl and the Sniffers maakt haar opwachting. De laatste voegt net als Billy Nomates muzikaal een vette punt op de i toe in Nudge It. In prachtig knauwend klinkend Aussie, dat wonderwel harmonieert met het vette accent van Williamson.

How much moaning can you do”, schaterlachte Williamson onlangs in een chaotische openbare online ontmoeting met de band Shame. Met goed gevoel voor zelfspot daarmee opnieuw de vraag opwerpend hoeveel Sleaford Mods nog kan halen uit hun concept.

Aan onderwerpen voor de snerende teksten van Williamson in elk geval geen gebrek. Heel Spare Ribs is weer een grote schets van het leven voor minder gefortuneerde inwoners van het zo verdeelde Verenigd Koninkrijk. Mooie maar ook politiek zeer uitgesproken observaties van wat er op straat en in de pubs speelt. Met soms een vette knipoog: I wish I had the time, to be a wanker just like you. En een lied over hoe iemand het moet zien te rooien met zijn tekortkomingen, is in het spelen met taal door de Mods dan al snel omgebogen naar een sneer naar de in sommige kringen zo gehate politiek adviseur Dominic Cummings: Short Cummings.

Spare Ribs, laat ik maar voor mezelf spreken, voegt weer een mooi hoofdstuk toe aan het werk van Andrew Fearn en Jason Williamson. Ik krijg er voorlopig nog geen genoeg van. Bring it on!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s