Cees van Appeldoorn (Howrah): ‘Onze muziek moet mij op zijn minst ontroeren’

Veel op de fiets zitten doet hij niet meer. „Ik heb een gezin met kinderen. Ik vind het dan moeilijk om aan twee hobby’s veel tijd te besteden. Ik heb het dus een beetje laten liggen, maar heb het wel veel gedaan. Ik heb bijvoorbeeld weleens Luik-Bastenaken-Luik gefietst.” Cees van Appeldoorn glimlacht. Wielrennen, dat kan hem ontroeren, klapt de zanger-gitarist van Howrah uit de school.

Sinds het verschijnen van Bliss, het tweede album van Howrah, duelleren critici welke van de twee de beste is. Feit is dat zowel Self-serving Strategies als Bliss meeslepend zijn en een onderscheidende sound hebben die geworteld is in de alternatieve gitaarscene uit de jaren negentig. Toch zijn er ook verschillen, blijkt uit een gesprek met Van Appeldoorn – Cees staat er in zijn paspoort, Kees in de credits van de muziek die hij maakt – dat we voeren terwijl hij van zijn werk naar huis wandelt.

Door: Wim du Mortier

Een van die verschillen zit ‘m in de benadering van de teksten. Met als meest opvallend voorbeeld Losing Our Edge, dat over wielrennen gaat. Heel slim bracht de band de dag voor de start van de Tour de France een video bij dit nummer uit. „Ik ben een wielren liefhebber”, vertelt Van Appeldoorn. „Ik heb daar echt wel wat mee. Het is iets dat mij kan ontroeren en kan raken. Een leuk ding uit mijn leven. Straks als de Tour bezig is mag niemand mij appen over de uitslag en ik zet mijn telefoon uit. Na het werk thuis de finish kijken zit er niet in; ik heb kleine kinderen hè. Ik kijk gewoon later de herhaling terug”, grinnikt de muzikant.

„De tekst van Losing Our Edge heb ik een beetje gebaseerd op het boek van Daniel Friebe, dat gaat over Eddy Merckx. Hij roept daarin een aantal beelden op die ik heb geprobeerd te vertalen in een liedje. In de kern gaat het over een wielrenner die alles wint, heel sterk is, en toch lijdt aan een oneindige zelftwijfel. Friebe beschrijft ook hoe andere renners over Merckx spraken. Die voelden hem, hoorden hem, maar dan zonder echt geluid: ‘Somethings brewing, stirring at your back…‘”

„Ik wilde daar ook eens iets over schrijven. En ik ben voor het maken van dit album voor mezelf iets meer de uitdaging aangegaan om zo goed mogelijke teksten te schrijven. Ik maak al langer muziek, eerder met Zoppo, en om nu te voorkomen dat ik heel de tijd over dezelfde dingen schrijf, heb ik andere thema’s of invalshoeken gezocht.”

Over zaken als wielrennen schreef Van Appeldoorn voorheen nooit, legt hij uit. „Eerder schreef ik alleen over mijn eigen liefdesverdriet of mijn eigen zorgen. Dat is wel wat anders”. Maar toch ligt de materie waar het over gaat in zijn ‘wielerlied’ Losing Our Edge – zelftwijfel, worstelen met dingen in je hoofd – in feite dicht bij hem. „Een rode draad in heel veel van mijn teksten is een spanning in mijzelf. Mensen die mij kennen zullen dat misschien niet eens zo herkennen, maar ik ben sociaal best een onzeker iemand. Soms levert dat spanningen op, dat ik mij niet goed voel op plekken of het zelfs leidt tot paniek. Dat onderwerp geef ik wel heel veel plek in mijn teksten: mijn eigen angsten, sociale onzekerheid.”

„Op deze plaat heb ik voor het eerst ook een paar liedjes geschreven over zaken die in eerste instantie niet zo dicht bij mijzelf liggen. Mistakes Were Made… of A Steady Beat of Lies gaan meer over onaangename eigenschappen van de wereld of van mensen. Mistakes Were Made… is geschreven vanuit het idee dat mensen altijd maar bezig zijn om een zekere mate van cognitieve dissonantie te verdragen. Om de wereld en je eigen gedrag te verdragen ga je dat op een bepaalde manier goed praten. Ik zag laatst een mooi voorbeeld dat Ronald de Boer zegt dat het in Quatar allemaal best wel meevalt. Dat vind ik echt zo’n typische variant van een dissonantie recht brijen.”

Howrah, met op de voorgrond Cees van Appeldoorn

Bandwisseling
Wat gelijk is gebleven bij de twee albums is de onovertroffen herkenbare sound van Howrah. Die is geworteld in een traditie van Amerikaanse hardcore en noise bands uit de jaren tachtig en negentig (lees ook het kader De vier van Cees van Appeldoorn). Een sound die niet alledaags meer is. Heel vanzelfsprekend is het niet dat de sound intentie is, omdat Howrah tijdens het maken van Bliss een bandwisseling doormaakte. „We zaten midden in de overgang van de ene naar de andere gitarist. We hebben in die periode – dat duurde enkele maanden – even in een groot gat gezeten. Eigenlijk hadden we alle demo’s voor de nieuwe plaat al klaar en met zijn drieën geoefend voor de opnamen. Dus toen we de studio ingingen stonden we voor een dilemma: moet een nieuwe gitarist in een korte periode alles oefenen en de door ons uitgedachte partijen in gaan spelen? Uiteindelijk hebben we er voor gekozen dat ik het grootste deel van het gitaarwerk voor mijn rekening zou nemen. Onze nieuwe gitarist heeft ook wel wat partijen ingespeeld hoor.”

Critici roemen met name het web van gitaarpartijen die heel minutieus uitgedacht lijken te zijn. Het wekt de indruk dat bij de opnamen laag op laag is gestapeld. „Ik lees in recensies dat Bliss wat braver, rustiger en minder explosief klinkt dan Self-serving Strategies. Een van de dingen die we ons hadden voorgenomen bij het maken van dit nieuwe album is om het eenvoudiger of iets leger te houden. Waar wij bij de vorige plaat momenten waar we over twijfelden probeerden op te lossen door te stapelen of meer noise toe te voegen, hebben we het nu juist meer uitgekleed en gezocht naar een manier waarop het met minder toch goed werkt. Dat maakt het voor mij niet minder ruig. Maar misschien wordt het er voor de luisteraar rustiger van omdat het in detail beter in elkaar zit dan bij de vorige plaat. In de studio heb ik hierover veel geleerd van Jan Schenk, die het heeft opgenomen. Hij heeft in positieve zin veel invloed gehad op de plaat. En ik ben in deze opnamesessies zodoende ook weer een veel betere gitarist geworden.”

Van Appeldoorn rekent voor dat je op Bliss in verschillende tracks niet veel meer dan twee gitaarpartijen hoort, met hooguit een derde die een ondergrond met noise levert. „Voor ons en mijn doen behoorlijk kaal”, zegt hij. De partijen zijn als puzzelstukjes in elkaar gepast. Dat levert die gedetailleerde en complexe gitaarsound op, waar Howrah zo om wordt geroemd.

Beklijven
Van Appeldoorn leest dezer dagen nieuwsgierig de commentaren op het nieuwe werk van zijn band. „Ik zou liegen als ik zou zeggen dat ik me daar niks van aantrek. Voor mij is het een vuistregel bij het maken van muziek dat ik zelf op zijn minst ontroerd moet zijn van de muziek die we maken. En het moet beklijven, dus na tien keer ook nog mooi, pakkend of interessant zijn. Het is ook het latje dat je er zelf langs mag leggen, denk ik. Als je je eigen muziek al zat bent nog voor je het hebt opgenomen, dan zou ik me zorgen gaan maken. Als wat wij maken voor ons gevoel voldoet aan die vuistregel, dan vertrouw ik erop dat er ook anderen zullen zijn die het mooi zullen vinden. Maar dan nog vind ik het belangrijk wat anderen er van vinden.”

De commentaren op Bliss zijn vrijwel eensluidend: het is een groeibriljant voor aandachtige luisteraars waarin eindeloos veel te ontdekken valt. Een prachtig album van een bedachtzame band die alles afgewogen zijn plek geeft. Alles in balans. Zo ook de keuze van de titel. „Het woord ‘bliss‘ zit in het refrein van in Made Up Sound: ‘the bliss of solitude‘. Als je kijkt naar de melodie en harmonie en dissonantie, dan zit er best heel veel spanning in de plaat vind ik. Daarin is alles wel in balans, maar als je in grote lijnen kijkt naar de teneur van de teksten – die zijn wat somber en melancholisch – dan kon het album nog wel iets opbeurends gebruiken. Zeker toen we ook het hoesontwerp er bij hadden, met die klavertjes vier die eigenlijk kapot zijn, of vergaan zijn en druipen. Eigenlijk is het woord een beetje de tegenhanger van de teneur in een aantal teksten. Het brengt het allemaal een beetje in balans. En we vinden het ook een mooi woord.”

Vertolking
Met de band in nieuwe samenstelling wordt nu gewerkt aan het vertolken van wat op de plaat staat naar een live optreden. „Tracks zijn in een bepaalde gelaagdheid opgenomen. Dat betekent dat we moeten uitvinden hoe we dat live kunnen spelen. Eerst hebben we veel tracks met een click track gespeeld zodat we ook synth-partijen mee kunnen laten lopen. Maar dat hebben we weer helemaal overboord gegooid omdat het toch een bepaalde matheid in het spel en de benadering van de liedjes oplevert. Wat dat aangaande komt corona niet eens zo slecht uit. Het heeft ons de gelegenheid gegeven een paar stappen terug te zetten en het opnieuw uit te vinden.”

Nieuwe gitarist Bart Schotman krijgt bij de live uitvoering van Bliss uiteraard wel een volwaardige rol toebedeeld. „Bart speelt heel plaattrouw, maar je zult zeker zijn eigen invulling daarin opmerken”, vertelt de zanger gitarist. „Ik ben wel heel blij met de nieuwe set up en het geeft mij veel vertrouwen voor de toekomst. Maar het gaat wel een andere band worden denk ik.” En ook in het streven naar perfectie zijn Van Appeldoorn en zijn band nog niet klaar. Er wordt al gebroed op de eerste ideeën voor een nieuw album. Maar ook op een verbeterde werkwijze die moet leiden tot nog meer controle over het eindresultaat. „Een andere uitdaging is voor mij om de nummers helemaal af te maken tot en met de teksten aan toe, en dan pas te gaan opnemen. Bij dit album was ik nog bezig de teksten te schrijven toen we de studio ingingen. Dat heeft invloed op de melodie en bepaalde keuzes die je maakt. Een volgende keer vind ik het wel interessant om te kijken of we eerst meer af kunnen hebben en dan pas de studio in te gaan. Dan krijg je echt een heel ander proces.”

Met elkaar
Ook op het podium komt Howrah over als een bedachtzame band die alles uitdenkt, bijna intellectueel benadert. Van gooi- en smijtwerk en bijpassende rockposes moeten zij het niet hebben. „We hebben onze handen vol aan het spel en we presenteren ons zoals we ook zijn. We blijven daarin denk ik dicht bij onszelf”, legt de zanger-gitarist uit. Vindt Van Appeldoorn en zijn band het maken soms leuker dan het live spelen? „Dat zou ik niet willen zeggen. Ik vind live spelen ingewikkelder want daar komt een sociale kant bij. Je presenteren is bij wijze van spreken ingewikkelder dan wat spelen met een gitaartje en drumcomputertje in je slaapkamer. Dat zijn totaal verschillende dingen maar ik vind beide heel tof. Alleen vraagt live spelen veel meer van andere dingen van mijzelf dan thuis een liedje maken.”

„Veel inspiratie en lol halen wij uit het samenzijn met elkaar. We zijn alle vier mensen die graag muziek willen maken met anderen, en elkaar ontmoeten rondom muziek. En ik haal vooral ook veel lol uit het creatieve proces. Er is eerst iets niet, en een paar dagen later is er ineens een idee geboren. Daar kan ik super enthousiast over worden, want dan hoor ik dingen in mijn hoofd en voel ‘dit wordt wat, hier kan ik wel wat mee’.”

De vier van… Cees van Appeldoorn (49)

„Ik vind het wel flauw dat ik dan weer het gelijkte rijtje opnoem. Doe ik dat zelf ook weer…”, jammert Cees van Appeldoorn als we het uitgebreid hebben gehad over zijn muzikale achtergrond en de albums die zijn muzieksmaak hebben gevormd. En verrassend zijn de muzikale bronnen die hij inderdaad niet voor wie de muziek van Howrah kent en hun karakteristieke sound lief heeft. Maar probeer dan Sonic Youth eens niet te noemen… Een uurtje na ons gesprek stuurt hij nog een mailtje met een bovenstaande foto. Hij is zijn platencollectie ingedoken en komt met een kleine correctie op wat hij spontaan noemde. Met toch een enkele minder voor de hand liggende naam.

Maar laten we beginnen bij het begin. Van Appeldoorn somt direct de eerste vier lp’s op die hij in bezit kreeg. Een neef deed hem de eerste twee platen van The Police cadeau. „Dat stond ik helemaal aan gort te playbacken met een wandelstok als gitaar”, grinnikt de muzikant. Om met lichte schaamte en met een glimlachje die andere twee op te dissen: de eerste twee van Dire Straits. „Daar heb ik niks meer mee maar de Sultans Of Swing kan ik zo meezingen en de gitaarsolo’s mee luchtgitaren.”

Gerelateerd aan de muziek die hij nu maakt noemt hij de volgende vier albums die zijn smaak voor rock en noise hebben gevormd:

  • Sonic Youth – Sister
    „Blijf ik mateloos interessant vinden en ik kan er als studiemateriaal naar luisteren.
  • Blonde Redhead – Fake Can Be Just As Good
    „Wat betreft zang en zangmelodie.”
  • Polvo – Today’s Active Lifestyles
  • Sebadoh – Blakesale
    „Ik luister er niet meer zo naar, maar Lou Barlow en zijn manier van zingen heeft mij zeker gevormd.”

2 gedachtes over “Cees van Appeldoorn (Howrah): ‘Onze muziek moet mij op zijn minst ontroeren’

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s