Kojaque – Town’s Dead

Voor wie van de ruwe rapstijl en uitstraling van Slowthai houdt, zal het album van de Ierse extravagant Kojaque zeker niet tegenstaan. Naast dat ze al samen hebben getourd, komt Kojaque artistiek overeen met de ruige punkstijl van zijn Britse tegenhanger Slowthai, die vertaald wordt in hiphop beats en politieke teksten. Onder zijn eigen label Soft Boy Records brengt Kojaque zijn debuutalbum uit.

Door: Mats Burgering

Kojaque, te herkennen aan een half geblondeerd en gemillimeterde coupe, is een 26-jarige rapper en filmmaker die de rapscene in Dublin representeert. Naast een tour met Slowthai en Lana Del Rey is Kojaque, echte naam Kevin Smith, al verschenen op de minimalistische trendy show Colors en heeft hij zichzelf al bewezen als creatieve kracht in baanbrekende muziekvideo’s. Dit doet hij op spectaculaire en bizarre wijze in zijn muziekvideo voor Town’s Dead waarin zijn afgehakte hoofd een hoofdrol speelt tijdens een geflipt familiefeest (zie de video onder de recensie).

Het album speelt zich af rond een driehoeksverhouding tijdens oudejaarsavond. Dit verhaal wordt tussen de nummers door verteld, al is dit niet altijd duidelijk te volgen. De 16 nummers rond het verhaal behandelen thema’s zoals de problemen in de jeugd van Dublin, armoede, toxic masculinity en liefde.

Het album trapt af met het opbouwende nummer Heartbreak, gepaard gaande met een elektrische Flume-klinkende drop wordt de veel terugkomende saxofoon voor het eerst geïntroduceerd. Naarmate het einde nadert wordt het nummer steeds gestoorder totdat het afloopt in een interlude. Het hoogtepunt van het album komt al vroeg met het titelnummer Town’s Dead. In dit punk-gedreven nummer, met samples van de Ierse post-punk groep Girl Band, beschrijft Kojaque met veel energie de armoede en gentrificatie in zijn geboortestad Dublin. Ondanks alle problemen ziet hij veel potentie in de stad: ‘Town’s not dead, it’s just dormant‘.

Een groot gedeelte van het album wordt ondersteund door saxofoon en af en toe door orkestraal klinkende strijkers. Vooral op nummers zoals Shmelly, waar de minimalistische hiphopbeat wordt ingevuld door Kojaque’s strakke rijmen en saxofoonuithalen. Op Sex N’ Drugs is de saxofoon een goede toevoeging op de romantische sfeer van het nummer, dat wordt afgesloten met een duet met Celia Tiab. Naast een aantal uitzonderingen zijn veel van de nummers rustig en hierdoor soms te traag en langdradig. Het nummer Coming Up klinkt anders dan de andere nummers: Kojaque’s stem lijkt gedoopt in autotune en er wordt een orkestrale climax bereikt halverwege het nummer. Het album eindigt met het nummer Curtains. Ingevuld met een jazz-achtig ritme komt het album daarmee groovend en vloeiend tot een eind met de, niet te missen, telkens weer terugkerende strijkers en saxofoon.

Town’s Dead laat zien en horen dat de Ierse artiest achter het project veel ideeën heeft en barst van de creativiteit. Op momenten tijdens het album wordt deze creativiteit tot zijn volle potentie gebracht, zoals in de nummers Town’s Dead en Shmelly. Dat tijdens het album er zich een verhaal afspeelt, is boeiend maar had voor mij iets prominenter aanwezig mogen zijn. Daarnaast waren een aantal rustigere nummers iets te langdradig en herhalend. Toch slaagt Kojaque erin om, met zijn creatieve uitingen en hoogtepunten, de wereld te laten zien dat de jongeren uit Dublin een toekomst hebben en hen te inspireren. Kojaque zet met dit debuutalbum de eerste stap om de ambities en talenten van deze jongeren uit te laten komen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s