Koen van de Wardt: ‘Klangstof is voor mij……. alles’

„Het is allemaal als een hobby begonnen. Ik maakte twintig procent van de tijd muziek en liep verder een beetje te voetballen en andere dingen te doen. Maar langzaam wordt muziek maken met Klangstof een steeds belangrijker deel van mijn leven. Nu zit ik soms in de trein en dan bèn ik opeens Klangstof, en vroeger was ik gewoon Koen. En nu is Klangstof voor mij…. alles.”

Amsterdam, lobby van het Volkshotel. Een hotelgast kruipt achter een piano en zet met overdreven luide aanslag een evergreen in. Koen van de Wardt laat zich er niet door van de wijs brengen. Met een constante brede glimlach op zijn gezicht vertelt hij vol enthousiasme en trots over zijn project Klangstof. Begin september verscheen het debuut Close Eyes To Exit. Een prachtig warme elektroplaat, nota bene uitgebracht op een label uit de VS. Want jawel, al na het posten van het allereerste liedje van zijn hand op internet is de muzikant opgepikt en als een wonderkind in de armen gesloten door de muziekindustrie. Nu komt het moment dat hij wordt klaargestoomd om de wereld te gaan veroveren met zijn innemende melancholische composities. Zijn plaats als bassist in Moss is er inmiddels voor geofferd. „Ik ben er nu supertrots op. Het is allemaal nog nieuw en ik krijg vooral goede feedback van mensen. Ja, Klangstof is nu echt wel een soort van mijn kindje.”

Ben jij nu in je eentje of is Klangstof toch een band?

„Het was een soloproject en is nu weer een band. De plaat heb ik zo’n beetje in mijn eentje opgenomen. Wat je hoort ben ik, op mijn zolderkamertje een beetje knutselen, samples knippen, wat gitaartjes er bij en een beetje zingen. Dan ging ik met een hele slechte mix naar producer Martijn Groeneveld en die zei dan, ‘kom effe zitten jongen, daar gaan we ’s wat van maken’. Maar ik merkte dat ik het toch fijner vond om met vier gelijkwaardige muzikanten op tour te gaan. In plaats van dat ik de gene ben die alles moet doen en een soort van de baas ben. Dat voelde ook een beetje fout. Omdat ik weet hoe hard de anderen er ook voor werken en hoeveel zij hebben toegevoegd. Nu zijn we dus een band. En het leuke is dat we nu ook de middelen hebben om een tweede plaat op te nemen als band. En dat gaan we dan ook zeker doen.”

Van de Wardt kijkt al weer vooruit terwijl de wereld nog amper kennis heeft kunnen maken met zijn eerste werkstuk. „Ja, maar die plaat is ook al een jaar af”, legt hij uit. Het vizier staat nu na het verschijnen van de plaat op ‘live zieltjes winnen’, zoals de muzikant het noemt. Vooral in het buitenland trouwens, want van de dertig shows die op het programma staan zijn er maar twee in Nederland. En ondertussen worden met de band de eerste stappen gezet richting tweede album. „En dat gaat echt supersnel. Als het echt zou moeten hebben we denk ik over een maand een tweede plaat. Met een band klinkt het toch ineens heel anders. Dat vieze randje dat je nu op de plaat hoort, gaat er denk ik wel een beetje vanaf. Dat randje van de oude synths en de gruizige retro-sound bracht Finn van Moss mee. Die is 45 jaar oud en thuis in die oude apparatuur. Nu zitten er mensen in de band die zijn opgegroeid met James Blake. Daarmee klinkt het meteen moderner. Hoe precies, hmm, dat vind ik moeilijk uit te leggen. Voor mij klinkt het qua productie als de laatste plaat van Radiohead. Maar ja, misschien komt dat helemaal niet op die tweede plaat terecht. Meestal doe je niks meer met de eerste zes nummers die je met elkaar hebt geschreven. Ik vind het bovendien nog een optie om meer dancy te gaan. Het wordt echt geen Dj Tiësto, maar de langzame melancholische Electro van bijvoorbeeld Caribou vind ik heel tof.”

Terug naar Close Eyes To Exit. Kenmerkend voor de plaat is hoe nummers bijna ongemerkt in dynamiek en volume groeien naar een grootse climax. „ Er zijn geen refreinen maar de nummers gaan whoops…… in een lange weg naar boven”, vertelt Van de Wardt terwijl hij naar het plafond van de hotellobby wijst. „Dat brengt Ableton, het programma waarin in werk, met zich mee. Ik bouw daarin loopjes. Als je bijvoorbeeld een loop hebt in C, dan moet je in die toonsoort blijven; je kunt niet even ineens een gek refrein inbouwen of zo. Dat beperkt je mogelijkheden, maar aan de andere kant kan ik wel met heel veel laagjes in dezelfde toonsoort werken. Dat vind ik tof klinken. Op de plaat zijn er plaatsen waar wel honderd synths op elkaar zijn gestapeld; elk in z’n eigen spectrumpje. Met dat prutsen ben ik wel een half jaar bezig geweest. Maar zo krijg je wel mooie soundscapes. En van het voorschot van de platenmaatschappij heb ik een Prophet 6 gekocht. Voor we gingen mixen ben ik daarmee nog alle nummers eens langs gegaan en er nog wat laagjes bij gezet.”

Jouw muziek is meeslepend melancholisch. Ben je zo’n romantische jongen?

„Ja dat is wel zo. Ik heb het idee dat ik de melancholie heel erg in de muziek opkrop. Zelf ben ik een vrolijke flierefluiter. Ik weet nog dat ik in Los Angeles aankwam om met het platenlabel te gaan praten en dat ze daar helemaal verrast waren. Ze hadden alleen nog maar mijn muziek gehoord en dachten een huilende emo kid te gaan ontmoeten. ‘Hoe kan je nu zo’n vrolijke en leuke jongen zijn? Wat is er aan de hand hier?’, zeiden ze verbaasd. Ik denk dat ik het heel goed kan scheiden. Ik heb denk ik ergens een muurtje gebouwd tussen mijn melancholie en m’n vrolijkheid waarvan ik zelf niet meer weet dat ik ‘m heb gemetseld. En ik kan me voorstellen dat mensen die mij zien en mijn muziek horen dat gek vinden. Maar het is gewoon mijn manier van muziek maken. Als ik dat doe, is het alsof ik even niet op de wereld ben. En dan is dit het enige dat er uitkomt”, vertelt Van de Wardt, nog steeds met onuitwisbare grijns op zijn gezicht.

„De titel van de plaat, Close Eyes To Exit, refereert daar ook een beetje aan. Voor mij betekent het je afsluiten van de wereld en niet naar anderen luisteren: letterlijk je ogen dichtdoen om je af te sluiten. Dat isolement kun je door heel de plaat heen horen.”

Ook het opvallende artwork – surrealistische tekeningen in sober blauw en crème – sluit er ogenschijnlijk naadloos op aan. „Ja, dat vind ik ook. Het past precies in de sfeer van de muziek. Die tekeningen, dat is Klangstof… Het is gemaakt door een meisje die Jenna Arts heet; en dus eigenlijk ‘Jenna Kunst’. Ik geef haar een titel of de muziek en waar ze mee komt is eigenlijk altijd in één keer raak. Ik vind het moeilijk dingen te visualiseren; ik hoor meestal muziek in mijn hoofd als ik ergens aan denk. En daarom is het fijn iemand te hebben die precies maakt wat je wilt, zonder dat je kan uitleggen wat je wilt.”

De melancholische sfeer in zijn muziek heeft volgens Van de Wardt te maken met het feit dat hij zijn jeugd in Noorwegen heeft doorgebracht. „Ik heb nog een grote harddisk vol met dingen die ik toen maakte; ik was eindeloos aan het soundscapen. Amsterdam en Nederland hebben er weer liedjes van gemaakt. Want soundscapes zijn allemaal wel leuk, maar het moet wel weer een compact liedje worden. Dus om terug te komen bij de titel van de plaat; ik heb heel even mijn ogen open gedaan, even uit mijn isolement gekomen om er een mainstream sausje overheen te gooien. Dat heb ik althans geprobeerd.”

Dat is dan gelukt, want deze plaat is toch heel toegankelijk?

„Ik kan dat zelf moeilijk zeggen. Ik hoor soms van mensen dat ze vinden dat ik gekke dingen doe. Maar ik ben daar aan gewend, dus dat hoor ik niet meer. Maar inderdaad, de ouders van mijn vriendin vinden het ook een hele leuke plaat en die hebben geen verstand van muziek”, lacht Koen van de Wardt.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s