Bob Mould – Patch The Sky

Hij ging een plaat maken vol snelle en korte punkrocksongs, dacht Bob Mould nog niet zo lang gelden. Het pad leek daar als vanzelf naartoe te leiden. Er was hernieuwde belangstelling voor zijn eerste band Hüsker Dü en een website met merchandising voor die band voedde geruchten over een reünie, die Mould overigens snel ontzenuwde. Maar solo weer iets doen dat deed denken aan dat oude werk, had zo zijn aantrekkingskracht op hem. En dan waren er de twee soloplaten die hij in snelle successie maakte met bassist Jason Narducy en drummer Jon Wurster waarop een levenslustige snelle punkrockplaat ook zo mooi zou aansluiten.

Even leek er alleen een weg omhoog. Maar daar kwam dan toch die nekklap weer die het leven soms uitdeelt. Relatie naar de knoppen, onzekerheid, verdriet. En wat doet een ambachtelijk liedjesschrijver als Mould dan: zijn gevoelens uitstorten in nieuwe liedjes. Het resultaat is Patch The Sky; naar zijn eigen zeggen een van zijn donkerste platen ooit. Als Bob Mould een plaat ‘donker’ noemt, neem dan maar aan dat het inkt en inkt zwart is. Je kunt hem gerust een expert op dit gebied noemen. Hou je vast, daar komt het dan: ‘It’s the end of things, the end of everything’, zingt hij in The End Of Things in een refrein dat muzikaal gek genoeg tamelijk opgewekt klinkt.

Die snelle punkrockplaat die aan Hüsker Dü moest doen denken, die komt er dus even niet. Want het spookt in het getormenteerde hoofd van Bob Mould. In de videoclip bij single Voices in My Head zie je hem op bed zitten, handen om zijn hoofd gevouwen terwijl drie andere versies van hemzelf op hem inpraten. Het is duidelijk; het gaat even niet zo goed met de beste man. Maar laat dat nu de gemoedstoestand zijn waarin hij in het verleden wel zijn mooiste nummers maakte. Zo ook op Patch The Sky: het is van a tot z pakkend, energiek, recht voor zijn raap en prachtig melodieus. En er staan toch snelle punkrocksongs op die verdomd aan zijn eerste band doen denken; Losing Time, en Hands Are Tied bijvoorbeeld. Met diepverscholen in die stapel gitaarlagen de markante vingervlugge riedeltjes, zoals we ze kennen van de Hüsker Dü-platen.

Patch The Sky klinkt als een derde en afrondende deel van het drieluik dat hij met zijn nieuwe zo succesvolle band maakte sinds 2012. Voor de fans is het een aansporing deze ook blind te kopen, want Bob Mould is zijn eigen kwaliteitskeurmerk. En in niets doet deze onder voor Silver Age en Beauty & Ruin. Toch kun je ook zeggen dat het meer is van hetzelfde, alleen in onderliggende emotie afwijkend. En bij deze plaat valt op dat de zang te vaak onverstaanbaar ver weg in de mix ligt, flinterdun en hoog. En dat is jammer want de woorden van Mould mogen worden gehoord. Daarentegen beukt de band er op los en klinkt het weer als prachtig massief beton. Wat een muzikanten, wat een feilloos op elkaar ingespeeld trio. Mould sluit de plaat passend op een gedragen tempo af met introspectief Monument. Prachtig Bob, maar wat ga je hierna doen om onze aandacht er bij te houden?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s