Bob Mould: ’Kom op mensen; het leven is kort en eigenlijk zo slecht nog niet’

„Oefenen? Dat doen we niet”, zegt Bob Mould stellig terwijl hij aan een kop cappouchino nipt. „We hebben vijf keer geoefend in zes jaar tijd. Ja, echt waar. Ik meen het serieus. Ik weet ook niet hoe dat zo kan, maar het werkt. We hebben met zijn drieën een geweldige klik. We spelen alle drie al sinds de jaren tachtig in punkrockbands, hebben eenzelfde muzikale achtergrond en dezelfde helden. En…. we haten oefenen.”

Op een terras in de Amsterdamse zon vertelt Bob Mould met trots over zijn band die naast hemzelf wordt gevormd door bassist Jason Narduci en drummer Jon Wurster. „Het is echt een band. Ook al hebben we er geen naam aan gegegeven zoals bij Sugar, zijn er wel overeenkomsten. Ik ben de songwriter, maar iedereen draagt zijn steentje bij. Zeker op de nieuwe plaat Beauty and Ruin. Deze keer heb ik veel minder de partijen voor de anderen geschreven. Jason en Jon hadden alle ruimte om ook suggesties te doen. Maar de teksten, die zijn natuurlijk van …”, zegt Mould terwijl hij zich op zijn borst klopt.

Voor ons zit een zelfverzekerde Bob Mould. De vijftig gepasseerd; ouder en wijzer. Hij is blij over hoe het muzikaal loopt en zit ook in zijn persoonlijk leven goed in zijn vel. Dat is wel eens anders geweest. Niets aan de man op dit terras doet nog denken aan de ooit zo opvliegende angry young man als hij vervolgt met de bijna lyrische beschrijving van zijn band. „We kwamen terug van een tour door Zuid-Amerika en hadden vijf dagen voor de opnamen voor Beauty and Ruin zouden beginnen. Eenmaal thuis heb ik ze de liedjes gegeven. Ze hadden dus vier dagen om er naar te luisteren. In de studio ging het letterlijk zo: laten we beginnen met Fire In The City, een simpel nummer. Dat speelden we een keer, we maakten onze aantekeningen, speelden het nog een keer, ik beantwoordde wat vragen die Jon en Jason er bij hadden. De zevende of achtste keer dat we het speelden, dat is wat je op de plaat hoort. Dat houdt de frisheid en energie erin. We don’t wear it out. Live voelen we elkaar ook geweldig aan. Tijdens optredens improviseren we en daarvoor hoeven we elkaar niet eens aan te kijken. Ik voel het gewoon aankomen als Jon een break op een andere manier gaat spelen. Ik weet gewoon wanneer dat komt. Er is veel onderling vertrouwen en dat voelt erg goed.”

Catharsis
Moulds nieuwe plaat Beauty And Ruin past in de catharsis die de inmiddels 53-jarige muzikant de afgelopen jaren heeft doorgemaakt. De aanleiding vormde het schrijven van zijn biografie die in 2011 verscheen. Daarin kijkt hij voor het eerst in alle openheid terug op zijn leven en vorige bands. Daarvoor weigerde Mould mordicus om bijvoorbeeld over Hüsker Dü te praten. De focus lag altijd op de toekomst, het volgende project. Een kantelpunt vormde een – in de documentaire See A Litlle Light vastgelegd – concert dat bewonderaars waaronder Dave Grohl voor hem organiseerden. Daar werd Moulds werk letterlijk en figuurlijk gevierd.

„Ik had wel vaker van mensen gehoord dat mijn werk veel voor ze heeft betekend. Dat hoor je dan aan en neem je niet zo serieus. Maar tijdens de reeks lezingen na het verschijnen van het boek en dat concert werd mij opeens duidelijk dat mijn songs ook de jeugd van veel andere mensen representeert. Dat is het moment geweest waarop ik mezelf ben gaan toestaan terug te kijken en meer ben gaan nadenken over de betekenis van mijn werk, voor mensen individueel maar ook in de Amerikaanse rockgeschiedenis.”

„Dat gaf allemaal een hoop positieve energie en ik ben toen langzaam weer nummers gaan schrijven. Daaruit is Silver Age (de eerste plaat die Mould in 2012 maakte met Narduci en Wurster, red.) ontstaan. De respons daarop, vooral in de VS, was geweldig. Midden in de tour die daarop volgde, overleed mijn vader. Een ingewikkelde man, maar waar ik wel veel van hield en de persoon die mij in aanraking bracht met muziek. Dat feit en het nadenken over mijn werk en mijn verleden vormt de inspiratie voor Beauty And Ruin.”

Bob Mould noemt Beauty And Ruin ’nog net geen conceptalbum’. Het vertelt Moulds verhaal in vier thema’s. De eerste songs zijn hard en duister van sfeer en gaan over het verlies van mensen en relaties. Daarna kijkt Mould als in flashbacks terug op zijn leven. „Dan draai je de plaat om”, gebaart Mould en gaan de nummers over verwerken, inzicht krijgen en accepteren. Tot slot volgen er drie optimistische vrolijke nummers over hoop en de toekomst.

Op de hoes staan foto’s van een jonge rokende Bob Mould en een actuele: kalend met grijze baard. Mould lacht om de suggestie dat je je kunt afvragen welke de beauty verbeeldt en welke de ruin. „Er zijn mensen die in het roken de ruin zien, anderen juist in de ouderdom. Er zitten dus allemaal tegenstellingen in die hoes verpakt. Ach, het was een happy accident… het is goed zo.”

Let the beauty be, don’t ruin it for me’ zingt Mould in de titelsong. „Daarin praat ik tegen mijzelf maar ook tegen anderen die, ondanks dat alles goed gaat in hun leven, toch niet gelukkig zijn. Dat is het idee waar dit over gaat. Ik ben normaal ook iemand die zich heel erg zorgen maakt over de toekomst en daardoor niet blij kan zijn met wat ik nu heb. Ik heb inmiddels geleerd dat ik mij minder zorgen moet maken. Want, kom op mensen, het leven is kort en eigenlijk zo slecht nog niet. Enjoy it, you know…

Je bent veranderd? Je maakt de indruk beter in je vel te zitten.
„Ja, zeker. Het is een grote verandering. ”

Ben je een zachtere persoon geworden?
„Misschien wel. Nu wel in elk geval. Maar zodra het showtime is, dan is dat direct voorbij. Ik ben heel agressief als ik aan het werk ben. Tsja, ik moet de hele dag al aardig zijn, dus bij een optreden is dat dan even afgelopen. Maar in het algemeen ben ik inderdaad een vrolijker mens tegenwoordig.”

Heeft dat te maken met ouder worden?
„Ja, natuurlijk. Het moet nu wel echt heel serieus zijn wil ik me er nog druk over maken. Dat was vroeger wel anders. Dat komt met de leeftijd, dat doet de tijd. Nu denk ik wel eens; waarom zou ik nog tijd in pietluttige dingen steken? Ik kan de tijd wel beter gebruiken.”

Popcultuur en popmuziek is iets voor jongeren. Hoe voelt het dan om als 53-jarige grijsaard op een podium te staan?
„Dat beeld herken ik. Dan ben je ineens de oudste in de zaal. Als ik naar shows ga van vrienden zie je al die twintigers denken; ‘wie is dat in hemelsnaam’. En als ik dan met zo’n artiest sta te praten denken ze dat die zijn opa heeft meegenomen. Ik denk dan; je moest eens weten wat ik deed toen ik zo oud was als jij. Williamsburg Brooklyn; dat het daar nu zo leuk is heb je aan mij te danken omdat ik daar 25 jaar geleden heen ben gegaan en er iets moois van die wijk heb gemaakt. Speciaal voor jou…”

Hoe had de jonge Bob Mould over zo’n grijsaard op het podium gedacht?
Get the fuck off that stage….” Ja echt waar. Natuurlijk dacht ik dat toen, en dat doen jongeren nu ook. Hen zeg ik: kom me er dan maar vanaf halen. Kom op, blijf daar niet alleen staan en er over praten, kom me er maar vanaf schoppen.”

De Bob Mould Band met vlnr Jason Narduci, Bob Mould en Jon Wurster

Boodschap
Moulds teksten komen allemaal voort uit zijn directe belevingswereld. Hij heeft nooit aanvechtingen gehad om politieke teksten te maken, vertelt hij. Ook het feit dat hij homo is, wiens rechten niet overal worden gerespecteerd, vormen geen voldoende aanleiding. „Ik heb mezelf nooit een goede spreekbuis gevonden voor iets anders dan mijn eigen werk. Het is het enige waar ik iets met zekerheid over kan zeggen. Bovendien, de hardcore punk in de jaren tachtig waarin Hüsker Dü opereerde was heel politiek geëngageerd. Maar daaruit is niets voort gekomen dat de wereld heeft verbeterd. Daar heb ik toen ook echt afstand van genomen en ben me gaan concentreren op het schrijven van goede melodieuze muziek met een persoonlijke insteek. En liedjes over same sex relationships… ach weet je, a good song should reach everyone.”

Maak je je niet boos over wat er gebeurt met homorechten in bijvoorbeeld Afrika of Rusland?
„Natuurlijk maak ik mij daar zorgen over. Ook thuis in de VS waar ik mij inzet voor jonge dakloze homo’s. Die worden in minder tolerante steden door hun ouders soms nog het huis uitgezet. Die jongeren zoeken hun toevlucht in steden als San Francisco of New York en verwachten daar te worden ’gered’. Maar daar eenmaal gearriveerd blijken het dure steden vol rijke jongeren en eindigen ze op straat. Ik vind het belangrijk mij voor hen in te zetten.

Maar Afrika bijvoorbeeld, daar weet ik niet meer van dan wat ik er over lees. En ik besef me dat het een andere cultuur is. Het is moeilijk. Mensen zullen altijd rare dingen blijven doen, hoeveel wetten we ook invoeren of hoeveel scholing we ook geven. Sommige mensen kun je niet veranderen omdat ze bang en angstig zijn voor mensen die anders zijn dan zij.”

Jij bent wel in de positie dat je veel mensen kunt bereiken.
Mould zucht moedeloos. „Een stille rol kan ik vervullen. Maar ik heb niet meer invloed dan bijvoorbeeld tv-series in de VS met veel gay-rollen of een serie waarin nota bene de hoofdrollen zijn weggelegd voor een gay-stel met een kind. In de VS is het inmiddels veel beter. De volgende stap die we daar moeten zetten is beseffen dat er geen mensen worden geboren die 100% man of vrouw zijn. Je seksuele geaardheid is geen keuze die je maakt.”

Energie
Terug naar de nieuwe plaat. Beauty And Ruin spettert uit de groeven en heeft weer meer up-tempo nummers die aan het oude Hüsker Dü doen denken. „Laat ik het geheim maar weggeven: hoe sneller de nummers, hoe makkelijker het is om ze te spelen. Je kunt nog een beetje smokkelen zonder dat iemand het hoort”, grinnikt Mould. „Wat ook een rol heeft gespeeld is dat ik gewend was om thuis nummers te schrijven en dat dan zittende deed. Wat er dan gebeurt is dat je voorzichtig bent. Voor deze plaat heb ik alles staande geschreven, met een notitieblok op een tafeltje voor me. En dan deed ik dat met de inzet alsof ik live aan het spelen was. Dan wordt zo’n nummer automatisch niet zo delicaat. En ik kon er op letten dat de partijen live goed te spelen zijn”, knipoogt hij.

Kenmerkend voor zijn muziek is dat de ritmes en de zang naadloos op elkaar aansluiten. „Ik vind het leuk dat je dat opmerkt, want dat is ook precies de bedoeling. Ik ben dus blij dat het overkomt. Bij het schrijven zijn er soms eerst de teksten maar soms ook eerst de muziek. Ik zie het als een ambacht om woorden op muziek of muziek op woorden te zetten. Wat ook helpt is dat Jon een hele goede drummer is die zich altijd erg bewust is van het liedje en van de tekst. Hij past zijn partijen daarop aan.”

Live zijn jullie al even energiek. Hoe hou je dat vol op jouw leeftijd?
„Het wordt steeds moeilijker. Soms kost een optreden mij echt alle energie die ik nog heb. Mijn gehoor is gelukkig nog goed. Maar vooral met mijn stem wordt het steeds moeilijker om te zingen zoals het moet; vooral het schreeuwen. Ik moet mijn stem echt beschermen om er voor te zorgen dat die elke avond blijft werken. Veel thee met honing (In de documentaire See A Little Light maakt Mould continu thee) en niet praten overdag. Ik let ook goed op mijn eten. Roken en drinken, daar ben ik jaren terug al mee gestopt. Nu voel ik mij een beetje blehhh omdat ik al dagen in restaurants eet. Zodra ik thuis ben kook ik gewoon zelf: gezond voedsel. Daar ga ik ook elke dag naar de gym. En als er een tour komt, gaan we met zijn drieën al een week of zeven van te voren rennen en conditietraining doen. We willen het uithoudingsvermogen hebben om niet tijdens een optreden moe te worden en in te kakken.”

De agenda van Bob Mould is voor de komende twee jaar zo’n beetje gevuld. In juni komt Beauty And Ruin uit, daarna volgen tours door de VS, Europa (in november doet Mould Amsterdam aan), Zuid-Amerika en wellicht nog Australië.

En volgt er dan nog een plaat?
„Ja, wie weet. Ik ben nu nog niet aan het schrijven maar er blijven genoeg onderwerpen die me inspireren. Het leven gaat door, vrienden maken soms moeilijke tijden door, relaties komen en gaan. Er is dus altijd genoeg om over te schrijven, dus ik denk dat er nog wel een vervolg komt. We hebben nu twee platen gemaakt en daar zijn we erg tevreden over. Het is een opwindende tijd. Mijn solowerk werd wel een beetje erg rustig; een beetje ouwe-mannen-muziek. Misschien voelde ik mij in mijn hoofd wel ouder dan ik in werkelijkheid ben. En nu, met al die inzichten die ik heb verworven over mijn verleden, is dit eigenlijk een mooi moment. Ik heb een goede band, ik hou er van op deze manier te spelen en mensen horen het graag. En ik ben er ook nog eens voor in de stemming. Ik weet goed genoeg dat zo’n moment zo maar ineens weer kan veranderen. Dus laten we er maar mee doorgaan as long as it’s working.”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s