Het Zesde Metaal in Rotown – de Skepsels Clubtour

Het heeft even geduurd voor het eenmaal zo ver was – bijna twee jaar sinds de initiële speeldatum van 29 november 2020 – maar afgelopen week mocht Rotown eindelijk Het Zesde Metaal verwelkomen. De band onder leiding van songwriter en muzikant Wannes Cappelle toert met zijn Skepsels clubtour langs een viertal Nederlandse podia om de release van hun gelijknamige album te vieren. Skepsels is echter niet het enige album dat aan bod komt gedurende de show; in de tussentijd is eveneens het album Wachten uitgekomen, en ook dat verdient een showcase. Mij hoor je niet klagen; ik vond dit album, dat eerder dit jaar uitkwam, het meest bijzondere werk van de band tot dusverre. Al was de vertaling van R.E.M.’s Everybody Hurts wel verrassend.

Door: Demi Drost

Met voor de volledige ervaring een Belgisch biertje in de hand sta ik in de zaal en aangezien de band een luttele vijftien minuten fashionably late is, kan ik me niet bedwingen een nieuwsgierige blik te werpen op het publiek dat op dit optreden is afgekomen. Een detail dat je moet weten over Het Zesde Metaal is namelijk dat zijn werk gekenmerkt wordt door het West-Vlaams dialect. Voor wie het niet gewend is, is de tongval van de provincie aan de Belgische kust vrijwel onverstaanbaar – ook voor onze zuiderburen zelf.

Nu, ik heb een jaar in Gent gewoond, wat met de trein dicht genoeg bij het West-Vlaamse land ligt om er in de loop der tijd wat kaas van te hebben gegeten, dus ik had een alibi. Maar welke andere Hollander zou er met zijn volle verstand hebben gekozen uitgerekend deze band te komen bezoeken? Het blijkt een divers geheel, van degelijk geklede stellen van middelbare leeftijd tot heren van pensioenleeftijd en een handjevol dartelende studenten. Veel tijd om erbij stil te staan heb ik niet; de lichten in de zaal gaan uit en de warme spots op de grond belichten het rokerige podium. De band maakt zijn entree.

Dat niet iedereen in het publiek zich geheel bewust was van de taal waarin de band zijn nummers opvoert, blijkt als ik al vrij rap in het eerste nummer een “Ik kan er echt níks van maken!” oppik uit de menigte achter me. Links van mij pakten twee meiden op hun telefoon de songteksten erbij, in de hoop dat dit het één en ander zou verduidelijken. Anderen doen fonetisch hun best. Maar muziek blijkt toch een gemeenschappelijke deler en al gauw deinen we voorzichtig mee op de klanken van Het Zesde Metaal.

Het nummer waarmee de band vorig jaar mijn hart veroverde, is het voor de serie Beau Sejour geschreven Geef Mie Nen Dag. Het leek me, mede omdat het geschreven is voor een televisieproductie, onwaarschijnlijk dat ze dit nummer zouden performen tijdens deze show, maar een mens mag hopen. En ik heb geluk: het wordt zelfs vrij vroeg, als derde nummer, gespeeld en mijn avond kan dus niet meer stuk. Vervolgens word ik dus definitief meegevoerd in de klein Oostendse bubbel die Cappelle & Co. van Rotown maken.

De sleutel tot internationaal succes in de muziekindustrie, zit ‘m in het gebruik van een eeuwenoud element: men neme een la, plakt daar een aantal andere la’s aan vast en maakt op een melodietje met “lalala” een tekst die eender waar ter wereld – desnoods fonetisch – valt mee te zingen. Met ongeveer dezelfde introductie leidt zanger Wannes Cappelle Die Tit Van Ton (vrij vertaald “Die Tijd Van Toen”) in. We zijn dan al even onderweg en dit is het eerste waarmee hij het publiek deze avond toespreekt. Waarschijnlijk is hij in de veronderstelling dat niemand hem zal verstaan.

Een ander nummer dat eruit springt, is Stempel, dat met zijn kwetsbare refrein en doffe, doom-achtige drum zowel ontroerend als bijzonder krachtig is – het is dit nummer waarmee Het Zesde Metaal voor zorgt dat je de set niet snel zult vergeten, omdat het de rest van de avond in je hoofd naklinkt: “Niemand wit er ’t finne van, en niemand die ’t vergeten kan.” Met A Je Mie Mist en Kom Bie Mie, die van hetzelfde album afkomstigzijn,stelt de band zich open en nodigt ons als het ware uit ons bij hen te voegen voor een omhelzing. Die zou je ze het liefst ook geven, want met de gitaar galmt ook de emotie van de tekst door de zaal.

Hoogtepunten van het album Wachten, zijn Gasten – een open brief van de songwriter aan de mensen die hij achterliet toen hij in het kader van het succes van de band in de grote stad is gaan wonen, maar die hij dus niet vergeten is – en de titeltrack zelf. Wachten, gaat volgens Capelle over hoe de band de lockdowns heeft gevuld: wachten en pauzeren om het wachten te doorbreken. Het is herkenbaar en daarom geniet het publiek des te meer, dat ze dit nummer nu live kunnen horen.

Natuurlijk ontbreken ook de grootste hits niet. Ploegsteert, een nummer met de fiets als overkoepelend thema, vind ik live minder karakter hebben dan op de plaat. Naar De Wuppe en Gie, Den Otto En Ik zijn daarentegen doorslaand succesvol. Dat de een groot deel van het publiek uit Belgen bestaat, blijkt – ook tot zijn eigen verbazing – wanneer de zanger aan het einde van de set vraagt of er ook landgenoten in de zaal zijn. Dat verklaart natuurlijk waarom de hits zo goed worden ontvangen, al kan het ook gewoon aan de nummers zelf liggen. Het Zesde Metaal speelt welbeschouwd namelijk een ijzersterke set, die duidelijk zowel die-hard fans als occasionele  concertbezoekers weet aan te spreken. 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s