Op vrijdagavond sprak ik een vriend die altijd vol goeie plannen zit, maar eigenlijk nooit echt wat doet. Af en toe heeft hij een baantje, maar dat raakt hij meestal weer snel kwijt, omdat hij een chronische telaatkomer is.
Nu had hij bedacht dat hij een detectivebureau zou oprichten en maar één zaak zou aannemen: de onopgeloste moord op Kurt Cobain. Want dat het geen zelfmoord was geweest, stond voor hem als een paal boven water.
Het idee was ontstaan na het lezen van een boek, vertelde hij. Een boek dat al ruim 20 jaar geleden was verschenen en dat niet had geleid tot het heropenen van het onderzoek, maar dat maakte niet uit. Hij zag genoeg aanknopingspunten om de zaak voor eens en voor altijd op te lossen.
Het is voor mij best een vol jaar geweest met een uitverkocht festival, tientallen concerten, dj-avonden en een magazine. Voor iemand die niet van zoveel druk houdt, kan ik me goed voorstellen dat een beetje onderzoek doen een betere bezigheid is. Bovendien hoef je bij zo’n oude vermeende moord vast nooit op tijd te komen, dus ik wilde niet flauw doen over zijn plannen.
Ik vroeg hem wie hem de opdracht zou geven om het onderzoek op te starten. Hij kneep zijn ogen tot spleetjes en zei: ‘Weet je wat het met jou is? Jij denkt altijd veel te praktisch, zo bereik je nooit wat.’
Minke Weeda