Af en toe beste lekker, zo’n band die speelt met de erfenis van goth and wave uit de jaren tachtig. Waar je flarden The Mission tot en met de energie van The Cult of Killing Joke hoort doorklinken. Elk decennium sindsdien heeft wel zijn adepten voortgebracht die deze ‘dark wave’ in leven houden, Dragons bijvoorbeeld. Sinds de nullies behoort The Horrors tot die groep. Maar die zijn dan nu ook al bijna twintig jaar bezig en lagen zo’n beetje aan het zuurstof.
Lijkt toch alsof zij nieuwe energie hebben gevonden, en dat zal te maken hebben met de intrede van wat vers bloed. Zanger Faris Badwan en bassist Rhys Webb zijn de overgebleven originele leden en die maken nu een nieuw album samen met toetsenist Amelia Kidd en drummer Jordan Cook. Het resultaat heet Night Life, een mooie titel voor een plaat die zo donker is als een maanloze nacht.
Maar best lekker, die herinterpretatie van een bekend gegeven door de Britten. De sound laveert tussen vet elektronisch – vooral ingezet om een onheilspellend sfeertje neer te zetten- en stevig bas- en gitaarwerk. Silent Sister bijvoorbeeld opent met een stuiterend elektronisch drumpatroon en werkt langzaam naar een door overstuurde gitaren gedomineerd refrein; alsof Depeche Mode het intro verzorgt en The Soft Moon het mag afmaken. Het is van begin tot eind hard en donker. Melodie komt voldoende aan bod, zoals in single The Silence That Remains, een aangenaam voortrollende duistere ballade. De productie klinkt nu eens niet ouderwets en analoog, maar modern digitaal, en dat moet je maar net liggen.
Het album komt echt tot leven in de opzwepende nummers als Trial By Fire en onze favoriet More Than Life, dat in de kern gewoon een sterk liedje is maar spetterende momenten kent. Prijsnummer is nota bene de afsluiter: LA Runnaway heeft alle makkelijk in het gehoor liggende kenmerken van een clubhitje. Echt een plaatje voor diep in de nacht om je ellendig lekker bij te voelen.