Don’t come home too soon

Van de talloze verwijten die je me kunt maken, is er één in elk geval niet op z’n plaats: dat ik overambitieus ben. Verre van. Rustig aan, dan breekt het lijntje niet. Pom-pi-dom. De wereld gaat aan vlijt ten onder, tenslotte. Er valt meer dan prima te leven met een beetje rommelen in de marge en voor je het weet bekijk je sowieso het gras van onderen.

Was ik gezegend geweest met meer arbeidsethos, doorzettingsvermogen en wilskracht en had ik niet twee linkerhanden, dan had ik misschien wel stukadoor kunnen worden. Beetje muren plamuren, naar de meiden fluiten, kratje Schültenbrau bij de hand, in het weekend wat Colombiaans marcheerpoeder door m’n neus jagen, me wat dommer voordoen dan ik ben, in het besef dat je met een beetje vindingrijke platheid enorm kunt scoren in Nederland. Dan had ik nu bij Goldband kunnen zitten, maar ja…

Met voetbal idem dito. Snelheid zat, daar niet van. Daar kunnen diverse links- en rechtsbacks uit de onderafdeling van het amateurvoetbal, die nu nóg af en toe gillend wakker worden van die langs hen heen flitsende vleugelspeler, van getuigen. In plaats van na de training nog urenlang met een bal te pielen of mijn koptechniek bij te schaven aan de kopgalg, ging meneer liever met z’n voetbalmaten pilzebieren in de kantine. Hoe het ook anders had kunnen lopen, bewijst Wout Weghorst, die ook in mijn voormalige voetbalelftal waarschijnlijk niet verder was gekomen dan een occasionele invalbeurt.

Ach, voetbal. Het EK is alomtegenwoordig en heeft me ook weer bij de kladden. Voor ‘ons’ Oranje geldt – zoals bij elk eindtoernooi – ‘Hoop is uitgestelde teleurstelling’. Als liefhebber van het spelletje – en dan bedoel ik ook écht het spelletje voetbal – zit ik inmiddels al een paar dagen met vierkante ogen voor de beeldbuis. Betekent dat de muziekconsumptie op een laag pitje staat. En hoewel ik over een aantal plaatjes beschik van zingende voetballers (Johan Cruijff, Johnny Rep, Willem van Hanegem, Jean-Marie Pfaff en zelfs die Deutsche Fussball-Nationalmannschaft met ‘Fussball ist unser Leben’), haal ik die hooguit uit de kast wanneer ik een muizenplaag heb en de knaagdieren wil verjagen.

Dan toch liever even luisteren naar iemand anders die in de betrekkelijke marge rommelt. Afgelopen week bij wijze van voetbalvoorpret ‘Balsturig’ nog eens uit de kast getrokken, het tweede – na ‘Eenmaal Oranje’ –  geheel aan Koning Voetbal gewijde album van de Friese muzikale antiheld Meindert Talma. Met daarop niet geheel toonvast gezongen, maar daarom niet minder leuke odes aan onder andere Arjen Robben, Louis van Gaal, Robin van Persie, Abe Lenstra, Johan Cruijff en ‘Kopper des Vaderlands’ Dick Nanninga.

Als jullie me nu even willen excuseren, er komt namelijk weer een wedstrijdje aan. En de opportunist in mij zegt: die Fransozen kunnen we makkelijk hebben. Aanvalluh!!!

DJ 45Frank

Plaats een reactie