Lewsberg – Out And About

Waar waren we ook alweer gebleven? Oh ja, in 2021 bij het derde album van Lewsberg, In Your Hands. Een hoogtepunt in rust en stilte. Nog minder. Met weer meer raffinement in de songs en de teksten, maar wel heel erg onuitgesproken. Hier is Out And About, het vierde album van Rotterdams Lewsberg, en weer blinkt het uit in krachtpatserij in rust en bedachtzaamheid, en gerichte tackles om je op het verkeerde been te zetten. En toch is er ook weer wat veranderd.

Whatever you give, you’ll never get it back. The angle of incidence equals, the angle of reflection‘. De plaat opent met Angle Of Reflection en eigenlijk horen we hier Lewsberg voor hun doen ‘full throttle‘. Er wordt verdorie zelfs een orgeltje ingezet. De muziek draait rondjes, de woorden keren terug; symmetrie, rust en regelmaat. Maar in woorden wordt die schijn doorbroken, de hoek van impact is weliswaar gelijk aan de hoek van reflectie, maar wat je geeft, krijg je nooit terug.

Zo sta je dan tóch weer op het verkeerde been. Without A Doubt volgt. Geschreven door Shalita Dietrich; een uptempo liedje met couplet en een door Marrit Meinema gezongen refrein. Zover niks ongewoons, tot een hakkelende gitaarsolo voorbijtrekt. Wordt het toch weer een beetje ongemakkelijk. In A Different View – het liedje waarvan de tekst de titel leent aan het album – wiegt je dan weer in slaap, als een ‘lullaby’. Zoete zang, tokkelende gitaren als regen op een tentdoek. The Joy Of Spring slaagt er daadwerkelijk in je te laten indutten, waarna we weer wakker schrikken door fel gespeeld Out For Milk. Net op tijd om lekker te luisteren naar het sprookje over een dichter die in de struiken de wereld beschouwt. ‘Ik ben dichter, als ik wil dat de roos bloeit, dan bloeit te roos’, denkt hij, terwijl de buurt kinderen waarschuwt dat er een vreemde man in de bosjes zit.

Out And About van Lewsberg is hun meest evenwichtige album tot nu toe. Geen experimenten met te ontstemde gitaren. Ook geen minimalisme met ‘te’ ervoor, maar een mooie verscheidenheid aan nummers waarin het tempo en het volume op en neer gaat. Out And About staat juist vol pareltjes van liedjes. Pure simpele schoonheid. En mooi is vast te stellen dat het meest pakkende van allemaal, Canines, van de hand van Dietrich is. Met een hoofdrol voor de viool van Van Vliet, die daarmee een onontkoombare hookline neerzet. Ook Marrit Meinema doet een duit in het zakje bij het schrijven van de nummers.

Op hun vierde album klinkt Lewsberg juist volwassen. Met nog steeds hun eigen smoel waarin rust en ruimte zegevieren en de teksten waarin Van Vliet dingen tegenover elkaar zet. Misschien zullen er zijn die opmerken dat de recalcitrantie naar de achtergrond verdwijnt, die het misschien een knieval voor toegankelijkheid zullen noemen. Maar Out And About is nog altijd alles behalve ‘middle of the road‘. Met als hoogtepunten de prachtige, soms regelrechte poëtische teksten vol doordenkertjes en dubbele bodems, het gitaarwerk van Michiel Klein, een nummer als An Ear To The Chest waarin de zang van Van Vliet van ons gerust op die van Lou Reed mag lijken, de atypische swing in verschillende liedjes die je raar doen bewegen, de tijd die wordt genomen om een bas- en gitaarlijn te laten inwerken voor de zang invalt, die prachtige hoes en de geweldige sound van de plaat, ook uitblinkend in rust en eerlijkheid.

Maar wat doet die Debbie eigenlijk elke avond uit bed?

Plaats een reactie